Welkom op de werf – Een droge bouwput dankzij waterkerende wanden

Masterplan Mariahof voorziet naast de bovengrondse bebouwing ook een ondergrondse garage die de fundering vormt onder de 3 gebouwen. Vooraleer er met de aanleg van de bouwput gestart wordt, moet het grondwater plaatselijk weg geraken. Dit gebeurt na een grondige studie door experten zoals AGT, aan de hand van een waterkerende wand.

We gaan te rade bij Lieve Jacobs, senior projectleider bij AGT, een ingenieursbureau gespecialiseerd in grondwatertechnieken. Aan de hand van een aantal vragen vertelt zij ons alles over de werking van bronbemaling, de verschillende technieken, de regelgeving, de impact op de omgeving en de mogelijkheden om dit te beperken. Ze gaat ook dieper in op de techniek van waterkerende wanden bij het Masterplan Mariahof. “Een duurdere maar zeer slimme keuze. Zeker ook voor de omgeving en het natuurgebied van de Wolvenberg”, zegt Lieve.

Een bronbemaling: hoe werkt dat?

“Om een bouwput te realiseren verlaagt de aannemer tijdelijk het grondwater. Ze plaatsen filterbuizen in de grond en sluiten deze aan op een pompsysteem. Er zijn hiervoor verschillende technieken, elk met zijn voor-en nadelen.

Vooraleer een keuze hierin te maken, schakelt de bouwheer een studiebureau in. Zij doen een uitgebreid onderzoek naar de bouwplek en de ruimere omgeving. Ook brengen zij de milieutechnische randvoorwaarden in kaart en berekenen de risico’s en onzekerheden. Voor Masterplan Mariahof deed AGT deze studies.”

Een open en gesloten bouwput: wat is het verschil?

“Bij een open bouwput wordt het grondwaterpeil niet alleen verlaagd in de bouwput. Ook daarbuiten heeft het een impact. Tot wel enkele honderden meters verder. Met soms verzakkingen tot gevolg. Ook de natuur kan daarvan afzien. Als het grondwater zakt, komen bomen en planten droog te staan. Op basis van een studie en modellen schatten wij vooraf wel goed in tot hoe ver de invloed voelbaar zal zijn.

Bij een gesloten bouwput worden eerst waterkerende wanden geplaatst in de bodem. En dit tot op een diepte van de eerste waterondoorlatende laag. Vaak is dit klei. Het grote voordeel is dat er enkel bemaald wordt in de put en niet daarbuiten. Hierdoor zijn er geen effecten van de bemaling in de ruimere omgeving.”

Waar gaat het grondwater naartoe?

“In de startfase van een bemaling in open bouwput spreken we soms over debieten van 100m³ per uur die afgevoerd moeten worden. Dat is heel wat.

Daarom wordt vaak ingezet op retourbemaling. Hierbij wordt het opgepompte water iets verderop terug in de grond gepompt zodat de grondwaterlaag daar niet aangetast wordt. Deze techniek heeft als nadeel dat de kostprijs ervan redelijk onvoorspelbaar is: hoe goed zal de grond het water opnemen, hoe vaak slibt het filtersysteem toe enzovoort.

In het andere geval wordt het afgevoerd, rechtsreeks naar de waterlopen of via de riool. Wat uiteraard ook jammer is, zeker in tijden van droogte.

Bij een gesloten bouwput wordt er veel minder water opgepompt om de bouwput droog te houden. Voor de bouwput van Masterplan Mariahof  beperkt het zich in de stationaire eindfase tot ongeveer 3 m³/uur. En dat is een extra groot voordeel”.

Wat met de regelgeving hierover?

“Bemaling valt onder de regels van “grondwaterwinning”. Er is geen andere specifieke wetgeving. De Vlaamse Milieumaatschappij bundelde daarom alle informatie en regels in één document: de bemalingsrichtlijnen VMM.

Vergunningen hangen af van verschillende factoren:

  • De ligging van de bemaling: ligt het in de buurt van een beschermd natuurgebied?
  • Het bemalingsdebiet: hoeveel m³ water wordt er dagelijks opgepompt?
  • Tot hoe diep onder het maaiveld of grondoppervlak wordt het grondwater verlaagd?
  • Is het grondwater verontreinigd?”

 

Wat is de aanpak voor de site zuid van het Masterplan Mariahof?

“De partners van Masterplan Mariahof gaan niet over één nacht ijs. Meer dan een jaar werden verschillende scenario’s overwogen, met telkens veel tussenonderzoeken en gesprekken met verschillende betrokkenen. Zeker met het prachtige natuurgebied van Wolvenberg in de buurt was het opportuun om zeer bedachtzaam tewerk te gaan.

Oorspronkelijk werd een retourbemaling overwogen. Dan zou het water over de Singel vervoerd worden en in Wolvenberg terug in de grond gepompt. Uiteindelijk bleek deze oplossing toch te duur en onzeker.

En de uiteindelijke keuze? Die viel op de bronbemaling met waterkerende wanden.”

 

Waterkerende wanden: wordt deze techniek veel toegepast?

“Deze werkwijze wordt heel vaak toegepast in Antwerpen. De geologische setting is er ideaal. De bovenste grondlaag is er immers puur zand, zonder enige obstructie zoals keitjes. Diep onder de grond is er een water-ondoorlatende laag van Boomse klei.

In andere gebieden zit men soms met een moeilijke bovenlaag zoals in Leuven en zonder waterremmende grondlagen zoals in de Kempen of aan de kust. Dan zijn er andere technieken mogelijk zoals bijvoorbeeld waterglasinjectie of onderwaterbeton waar ze deze kleilaag nabootsen.”

 

Hoe diep zitten de wanden in Masterplan Mariahof?

“De wanden zitten tot op een diepte van 27m. Tot één meter in de Boomse klei.

Ook na de oplevering blijven ze in de grond. Ze zijn zowel water- als grondkerend. Ook voor de stabiliteit van het gebouw bewijzen ze dus hun nut.”

 

Tot slot

“Wat ATG vooral apprecieert aan de projectleiders van Masterplan Mariahof? Dat zij er echt alles aan hebben gedaan om al van bij het begin alle opties te onderzoeken in samenspraak met de stad Antwerpen. Uiteindelijk maakten ze de beste keuze voor de omgeving. Kosten, tijd noch moeite hebben ze gespaard. En dat zal zeker lonen tijdens het bouwproces. Met minder stress en extra lasten tot gevolg. In sommige gevallen zijn er immers geen terugvalscenario’s.”, besluit Lieve.